Akkoord sociale partners omtrent groepsverzekeringen

De sociale partners hebben binnen de Groep van 10 een akkoord bereikt over een aanpassing van de regelgeving voor wat betreft het rendement dat de werkgever (of de sector) moet garanderen aan zijn werknemers op de stortingen die zijn gebeurt in het pensioenplan. Deze rentevoet bedraagt momenteel 3,25% voor de werkgeversbijdragen en 3,75% voor de werknemersbijdragen. Vanaf 1 januari 20116 wordt deze rentevoeten vervangen door één enkel percentage dat zal evolueren naargelang van de rendementen op de markten, met een minimum van 1,75% en een maximum van 3,75%.

De tweede pensioenpijler wordt gevormd door de ondernemingspensioenstelsels en de sectorale stelsels waarvan het beheer werd toevertrouwd aan Instellingen voor Bedrijfspensioenvoorzieningen (IBP's) en/of aan de verzekeringsmaatschappijen. 75% van de werknemers in België zijn gedekt door een aanvullend pensioenplan. De technische voorzieningen van de IBP's en de groepsverzekeraars bedragen meer dan 75 miljard euro.

Als het akkoord wordt toegepast, zal de gegarandeerde rentevoet ten laste van de werkgevers vanaf 1 januari 2016 variabel zijn. Op 1 januari 2016 zal het te garanderen percentage overeenkomen met 65% van het gemiddeld rendement van de OLO's op 10 jaar over 24 maanden. De 65% die in de formule wordt gebruikt, zal op 75% kunnen worden gebracht in 2018 en op 85% in 2020 als de controleautoriteit (NBB) van mening is dat die verhoging verzekerbaar is.

In geval van wijziging van de rendementsgarantie (RG) is de impact op de door de werknemer gevormde reserves dezelfde als vandaag. Vandaag is er een verschil naargelang het beheer van het plan is toevertrouwd aan een pensioenfonds of aan een verzekeringsmaatschappij:

voor de plannen die worden beheerd in een pensioenfonds, of bij een verzekeraar, maar zonder rendementsgarantie vanwege de verzekeraar (”tak 23″), worden de reserves beheerd zoals een bankrekening (zogenoemde “verticale” methode). Het nieuwe percentage dat de inrichter dient te waarborgen zal van toepassing zijn op de hele som die op de rekening staat op de datum waarop de garantie wijzigt, alsook op de toekomstige premies tot aan de volgende garantiewijziging;

voor de plannen die worden beheerd in een groepsverzekering met rendementsgarantie vanwege de verzekeraar (”tak 21″) zal het nieuwe percentage dat de inrichter dient te waarborgen enkel van toepassing zijn op de premies die zijn gestort vanaf de percentageverandering en blijven de reeds op de rekening vergaarde bedragen het (de) voorgaande percentage(s) genieten (zogenoemde “horizontale” methode).

Opgelet! De pensioentoezeggingen die worden ingevoerd vanaf 1 januari 2016 zullen er evenwel kunnen in voorzien dat van deze default-regel wordt afgeweken (pensioenplannen die uitbreiden qua toepassingsgebied of hun plan verbeteren vormen geen nieuw pensioenplan). Voor nieuwe contracten moet de inrichter, net zoals dat vandaag het geval is, kiezen tussen een pensioenfonds (en dus de verticale methode) of een groepsverzekering (en dus de horizontale methode). Eens de keuze gemaakt, zal deze blijven gelden tot het einde van de loopbaan.

Iedere werknemer die zijn werkgever verlaat vanaf 1 januari 2016 en die besluit zijn reserves bij deze laatste te laten (in het jargon, een slaper) zal voortaan de mogelijkheid krijgen om een overlijdensdekking te financieren met zijn reserves, zonder medische formaliteiten. Ter herinnering: wat er met de overlijdensdekking gebeurt, hangt af van het soort overeenkomst waar aanvankelijk voor gekozen werd. In sommige gevallen verdwijnt de dekking op het moment dat de werknemer zijn werkgever verlaat. Bijgevolg ontvangen zijn rechtverkrijgenden niets als de aangeslotene overlijdt vóór de pensioenleeftijd. Om dat te vermijden, wordt er in dit akkoord in voorzien dat een overlijdensdekking zal behouden blijven na het einde van de arbeidsovereenkomst (tenzij de aangeslotene daar binnen een bepaalde termijn van afziet). Deze dekking zal worden gefinancierd door de werknemer door middel van zijn reserves, tegen een te bepalen collectief tarief dat voordeliger is dan het individuele tarief.

30.10.2017

Ongeval met buitenlands voertuig Read more

26.10.2017

Groen subsidiepakket voor zware vrachtwagens Read more

19.10.2017

Voor- en nadelen van telewerk Read more

25.09.2017

Schade aan of veroorzaakt door een heftruck Read more

NEWSLETTER
website by Kluwer EasyWeb

We use cookies to record your language preference and enhance your surfing experience. Know more[OK]