Medische index komt terug

Verzekeraars kunnen hun niet-beroepsgebonden ziektekostenverzekeringen binnenkort opnieuw aanpassen aan de medische index. Maar voortaan zal die nog maar één keer per jaar berekend worden.

Vernietiging Raad van State

De Raad van State heeft eind 2011 het besluit over de medische index grotendeels vernietigd. Omdat niet werd verantwoord waarom bij de berekening van de medische index geen rekening werd gehouden met de herwaardering van de vergrijzingsvoorzieningen. Iets wat - volgens het verplicht advies van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg - wel moest om te vermijden dat verzekeraars die die voorzieningen aanleggen verlies zouden lijden.

Gevolg van die vernietiging is dat de medische index niet meer gepubliceerd is sedert het vierde trimester van 2012. Om te vermijden dat het gebrek aan specifiek indexcijfer leidt tot bruuske premieverhogingen, wordt er nu een nieuwe aangepaste regeling ingevoerd.

Jaarlijkse medische index

De medische index wordt voortaan nog maar één keer per jaar vastgesteld. Gedaan dus met de trimestriële index.

Prestaties, premie, vrijstelling

De verzekeraars kunnen de premie, de vrijstelling en de prestaties indexeren. Of een of twee van die elementen. In vergelijking met de oude regeling is er dus geen sprake meer van een verplichte indexering van die drie elementen samen. De verzekeraar kiest voortaan zelf welke van de elementen hij indexeert, in functie van het technisch model en de kenmerken van het verzekeringsproduct. Een verplichte indexatie van de drie zaken samen zou het financieel evenwicht kunnen in gevaar brengen.

Indexering

De verzekeraar kan de premie, vrijstelling en prestaties ten hoogste aanpassen aan het percentage dat de evolutie weergeeft tussen de laatste medische index die van toepassing is op de lopende overeenkomst op de vervaldag en de medische index die een jaar vroeger in werking is.

Dat medisch indexcijfer mag gebruikt worden om de premie, vrijstelling of prestaties aan te passen aan de kosten van de diensten die gedekt worden door de private ziekteverzekeringsovereenkomsten als de evolutie van de medische index het indexcijfer van de consumptieprijzen overschrijdt.

Toewijzing aan waarborgtype

De verzekeraar wijst elke ziektenkostenverzekering (met uitzondering van de beroepsgebonden verzekering) toe aan een waarborgtype.
Er zijn vier waarborgtypes:

waarborg 'eenpersoonskamer';

waarborg 'twee- of meerpersoonskamer';

waarborg 'ambulante zorgen';

waarborg 'tandverzorging'.

De waarborg die het zwaarst doorweegt in de jaarpremie bepaalt de waarborg waaraan de overeenkomst wordt gehecht.

Leeftijdscategorie

De verzekeraar kan elke verzekerde toewijzen aan een leeftijdscategorie.

Er zijn vijf leeftijdsklassen: van 0 tot 19 jaar, van 20 tot 34 jaar, van 35 tot 49 jaar, van 50 tot 64 jaar en van 65 jaar en meer.

Berekening medische index

De FOD Economie berekent de specifieke indexcijfers. Dat gebeurt in twee stappen.

In een eerste stap worden de waarden van de basisindexcijfers berekend. Op basis van de door de verzekeraars aangeleverde en gecertificeerde gegevens stelt de FOD een globale tabel op met waarden per waarborg en per leeftijdsklasse. De FOD berekent hiervoor de gemiddelde bruto schadelast per verzekerde. De waarden van de basisindexcijfers worden vervolgens bepaald door het vaststellen van het percentage van verandering voor elk van de waarden van de globale tabel.

De tweede stap omvat de berekening van de specifieke indexcijfers. Dat gebeurt op basis van de basisindexcijfers.

De globale tabel per waarborg en per leeftijdsklasse van de specifieke indexcijfers wordt berekend uit de globale tabel per waarborg en per leeftijdsklasse met de basisindexcijfers. De startwaarden zijn dezelfde. De jaarlijkse evoluties van de specifieke indexcijfers worden berekend door de jaarlijkse evoluties van de basisindexcijfers te vermenigvuldigen met een factor 1,5. De jaarlijkse evolutie van de specifieke indexcijfers mag hoogstens 2 procentpunten hoger liggen dan de jaarlijkse evolutie van de basisindexcijfers.

Wanneer bv. de jaarlijkse evolutie van het basisindexcijfer 2% bedraagt (basisindexcijfer 100 in jaar J en 102 in jaar J+1), bedraagt de jaarlijkse evolutie van het specifieke indexcijfer 3% (2 maal 1,5). Wat betekent dat de waarde van het specifieke indexcijfer 100 is in het jaar J (zelfde startwaarde als basisindexcijfer) en 103 (100 maal 1,03) in jaar J+1.

Als de evolutie van het basisindexcijfer bv. 5% bedraagt, dan is de evolutie van de specifiek index beperkt tot 7,5% (5 maal 1,5). Maar die 7,5% wordt afgetopt tot 7% omdat de verhoging maximaal 2 procentpunten mag bedragen.

Bij een negatieve evolutie van een specifiek indexcijfer wordt de geldigheid van het laatst gepubliceerde specifiek indexcijfer verlengd. Voor één jaar.

Maximum

De specifieke indexcijfers zijn een maximum. Verzekeraars kunnen kleinere stijgingen toepassen.

Publicatie in juli

De FOD Economie publiceert de globale tabel met de specifieke indexcijfers één keer per jaar in het Staatsblad. Op de eerste werkdag in de maand juli. Ze komen ook op de website van de FOD, de FSMA en de CDZ.

30.01.2017

Rechtsplegingsvergoeding komt toe aan rechtsbijstandsverzekeraar Read more

23.01.2017

Assuralia lanceert elektronisch aanrijdingsformulier Crashform® Read more

06.01.2017

Waartoe dient een groene kaart? Read more

27.12.2016

Ik heb met een niet-verzekerde auto een ongeval veroorzaakt. Nu zou ik graag weten of het slachtoffer schadeloosgesteld zal worden en of ik problemen kan krijgen. Read more

NEWSLETTER
website by Kluwer EasyWeb

We use cookies to record your language preference and enhance your surfing experience. Know more[OK]