Eerste voorlopige lijst met erkende daden van terrorisme voor (Belgische) slachtoffers

De regering heeft een lijst gepubliceerd met dertien daden die als daden van terrorisme worden erkend. Deze erkenning is nodig in het kader van de procedure die de financiële hulp aan de slachtoffers ervan regelt.

Slachtoffers van daden van terrorisme kunnen hulp krijgen van de Belgische Staat. Daarvoor moeten ze contact opnemen met de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan occasionele redders. Sinds 17 juni 2016 moeten deze personen echter zelf niet meer aantonen dat de daden waar ze het slachtoffer van waren effectief 'terroristische daden' waren. Voortaan is het de taak van de regering om over te gaan tot de erkenning van bepaalde daden als daden van terrorisme.

Daarnaast heeft de regering onlangs beslist om ook financiële hulp te bieden aan Belgische slachtoffers van daden van terrorisme die in het buitenland werden begaan. Deze hulp was vroeger strikt voorbehouden aan slachtoffers van in België gepleegde aanslagen. Het is echter ook nodig om bij KB in het buitenland gepleegde daden te erkennen als daden van terrorisme.

Dit is de reden waarom de regering een lijst heeft aangenomen waarop er dertien daden staan die als daden van terrorisme erkend worden.

Het gaat meer bepaald om:

de aanslag op de metro, op 8 juni 2012, in Brussel (België);

de aanslag op het Joods museum, op 24 mei 2014, in Brussel (België);

de aanslag op een supermarkt, op 9 januari 2015, in Parijs (Frankrijk);

de aanslag op straat, op 6 maart 2015, in Bamako (Mali);

de aanslag op een museum, op 18 maart 2015, in Tunis (Tunesië);

de aanslag op een strand, op 26 juni 2015, in Sousse (Tunesië);

de aanslag op een concertzaal en andere plaatsen, op 13 november 2015, in Parijs (Frankrijk);

de aanslag op een hotel, op 20 november 2015, in Bamako (Mali);

de aanslag op de luchthaven van Zaventem en op het metrostation Maalbeek in Brussel, op 22 maart 2016 (België);

de aanslag op de openbare weg, op 14 juli 2016, in Nice (Frankrijk);

de aanslag op straat, op 6 augustus 2016, in Charleroi (België);

de aanslag op straat, op 5 oktober 2016, in Schaarbeek (België);

de aanslag in een discotheek, op 1 januari 2017, in Istanboel (Turkije).

Wat betreft de aanslagen die in het buitenland werden gepleegd, heeft de regering gekeken naar de daden waarvoor er slachtoffers gekend zijn met de Belgische nationaliteit of die hun gebruikelijke verblijfplaats in België hebben. Daarbij baseerde de regering zich onder meer op de aanvragen die tot de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders werden gericht.

Opgelet want deze lijst is niet exhaustief. Daden die er niet op vermeld staan en waarvoor er zich nog slachtoffers ervan tot de Commissie zouden kunnen wenden, kunnen in een later KB nog eventueel worden erkend als daden van terrorisme.

Als laatste punt stippen we nog even aan dat de erkenning van deze daden het voor de slachtoffers ervan mogelijk zal maken om aanspraak te maken op het statuut van nationale erkenning voor slachtoffers van terreurdaden. De uitwerking van de wettelijke regeling hiervan is echter nog in voorbereiding.

Aangezien het KB geen specifieke datum van inwerkingtreding bevat, wordt de lijst van kracht op 27 maart 2017. Dat is tien dagen na de publicatie ervan in het Belgisch Staatsblad.

30.09.2020

Wetsvoorstel: verzekeraars mogen geen informatie verzameld door gezondheidstrackers gebruiken Lees meer

21.09.2020

Groene kaart vanaf nu elektronisch beschikbaar? Lees meer

14.09.2020

Maximale rentevoet voor levensverzekeringen van lange duur blijft 2% Lees meer

07.09.2020

COVID-19: vervallen voorlopige rijbewijzen geldig tot en met 31 december Lees meer

NIEUWSBRIEF
website door Kluwer EasyWeb

We gebruiken cookies om uw taalvoorkeur bij te houden en surfervaring op deze website gemakkelijker te maken. Meer weten[OK]